OPDRACHT 6: METEN: 'INHOUD'

Oefening 1: Neem 5 verschillende recipiënten (flessen, blikjes,...) en rangschik ze van de kleinste inhoud naar de grootste inhoud. .. < .. < .. < .. < ..
Oefening 2: Zoek 2 flessen / blikjes / ... met een gelijke inhoud. .. = ..
Oefening 3: Neem een maatbeker. Doe er 200 ml water in.
- Hoeveel keer kan dit in 1 liter? .. keer
- Bekijk de tabel en vul in: 200 ml = .. cl 200 ml = .. dl
Oefening 4:


Reacties
Een reactie posten